De fijne manipulaties van "onze" Prins Bernhard en de diverse wapenleveranties door/via Nederland (wat tot op de dag van vandaag doorgaat) :
"Bernhard's betrokkenheid bij wapenhandel werd in de Netwerk-reportage van 30 november aangetoond. Maar hoe zat het wapenhandelnetwerk in elkaar en welke personen speelden daarin een rol?
Inleiding
Prins Bernhard was via zijn staf betrokken bij wapenhandel en een poging tot staatsgreep in Indonesië. Dat blijkt uit onderzoek van historicus Harry Veenendaal. Indonesië voert eind jaren '40 onder leiding van Soekarno een onafhankelijkheidsstrijd tegen Nederland. De kringen rond de Prins willen echter van Soekarno af. Indonesië mag wel onafhankelijk worden, maar alleen als federatie in een soort Gemenebest onder de Nederlandse kroon. Bernhard zou daarvan onderkoning moeten worden.
Om dat doel te bereiken zijn alle middelen geoorloofd. Journalisten worden betaald om positief over de Gemenebest-plannen te schrijven, verzetsgroepen die tegen Soekarno strijden worden gesteund met geld en wapens. En er wordt contact gelegd met kapitein Raymond Westerling die met zijn militie een greep naar de macht wil doen op West-Java. Ook Westerling wordt voorzien van wapens. In januari 1950, een maand na de onafhankelijkheid van Indonesie, pleegt Westerling een staatsgreep die jammerlijk mislukt.
In de Netwerk-uitzending van 30 november blijven veel vragen onbeantwoord. Geeft Prins Bernhard alleen op afstand zijn goedkeuring aan de plannen, of is zijn betrokkenheid veel groter en directer? En met wie doet de staf van de Prins eigenlijk zaken om aan wapens te komen voor de strijd tegen Soekarno?
Rapporten
Naar aanleiding van de mislukte staatsgreep doet de Marechaussee onderzoek. Uit die rapporten valt op te maken dat er ten tijde van de crisis van 1950 contact is tussen de Nederlandse inlichtingendiensten en de Engelse militaire inlichtingendienst MI-5. Ook de Britten zijnzeer geïnteresseerd in de wapenhandelaars waarmee de staf van de Prins zaken doet om aan wapens te komen voor de strijd in Indonesië.
Diezelfde wapenhandelaars leveren namelijk enorme hoeveelheden wapens aan onafhankelijkheidsstrijders overal in the British Empire. Volgens de Engelse inlichtingendienst gaat het om zeer gevaarlijke lieden: “These people have no country and no moral, it’s just greed and power. That is why they are extremely dangerous.”
In de Britse archieven liggen duizenden pagina’s met informatie over het wapenhandel-netwerk waar de Prins bij betrokken was. Netwerk kreeg de afgelopen maanden de beschikking over veel van die documenten. Dat levert een enorme hoeveelheid namen op en talloze gegevens over wapendeals, conflictgebieden en corruptie.
Vijf hoofdrolspelers
Het hoofdkwartier van de wapenhandelaars bevindt zich op Buitenhof 47, op een steenworp afstand van het Binnenhof in Den Haag. Het kantoorpand, waar nu de Israelische ambassade is gevestigd, is het domein van Marcel Mozes Wolf.
Gebroeders Wolf
Mozes Wolf en zijn broer Daniel worden voor de oorlog schatrijk in de spoorbielzenhandel. Mozes en Daniel werken volgens de Engelse geheime dienst voor de Derde Internationale, het wereldwijde verband van communistische partijen onder aanvoering van de Sovjet-Unie. In 1936 verdienen ze het voor die tijd duizelingwekkende bedrag van 70 miljoen Engelse ponden met de levering van wapens aan beide partijen in de Spaanse Burgeroorlog.
De familie Wolf is joods. Als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, weet Daniel te ontkomen naar Amerika, maar hij overlijdt daar in 1943. Mozes onderhoudt in de oorlog nauwe contacten met de Sicherheidsdienst en de Abwehr, de Duitse inlichtingendienst. Hij krijgt allerlei privileges en slaagt erin om zijn vermogen veilig te stellen in een Zwitsers bedrijf. Hij wordt daarbij zelfs indirect geholpen door Hermann Goring, de tweede man achter Hitler.
Na de oorlog vestigt Wolf zich aan het Buitenhof. Hij neemt een nieuwe secretaresse aan, Laura Ruiter en trouwt haar in 1959. Wolf heeft belangen in tientallen ondernemingen. Volgens de Britse inlichtingendienst doen die vaak dienst als dekmantel voor clandestiene wapenhandel. Wolf doet volgens de Marechaussee ook rechtstreeks zaken met Prins Bernhard. Ze hebben een gedeeld belang in de houthandel vanuit Suriname.
Diederik Van Buuren
Van Buuren is directeur van Montan NV, een bedrijf dat als dekmantel fungeert voor de wapenhandel van Mozes Wolf. De Britten verdenken Van Buuren van nazi-sympathieën, omdat hij in 1933 met NSB-leider Mussert een bezoek brengt aan Mussolini. Doel van de missie: fondsen werven voor de NSB. Van Buuren wordt daarom door de Britse geheime dienst 24 uur per dag geschaduwd en in 1940 gevangen gezet.
Onder zware Nederlandse druk laten de Engelsen hem echter snel vrij. Uit stukken van MI-5 wordt duidelijk waarom de Nederlandse regering hem op vrije voeten wil hebben: Een aantal leden van de Nederlandse regering in ballingschap zou corrupt zijn. Zij zouden geld opstrijken door Nederlandse wapenaankopen te doen via Montan, het bedrijf van Van Buuren.
Frederick Armstrong
Net als Mozes Wolf is Armstrong een Joodse wapenhandelaar. In 1940 vlucht Armstrong naar Amerika. Hij wordt Amerikaans staatsburger, verengelst zijn naam en schopt het tot Europees directeur van staalgigant US Steel. In die functie kan hij beschikken over enorme hoeveelheden wapens die door het Amerikaanse leger is achtergelaten in de Pacific. Hij wordt uitgebreid genoemd in de Marechaussee-rapporten over de wapenhandel en coupplannen van Bernhard.
Robert Carp
Olympisch kampioen zeilen Robert Carp is in de oorlog een vurig aanhanger van het nationaal-socialisme en vooraanstaand lid van de NSB. Volgens de Britse inlichtingendienst zit Carp al voor de oorlog in de wapenhandel. De directeur van MI5 bemoeit zich persoonlijk met zijn dossier en zet hem in 1940 Engeland uit, waarna hij weer terug komt naar Nederland. Uit de Marechaussee-rapporten blijkt dat Carp waarschijnlijk in 1948 op paleis Soestdijk is geweest.
Edward Weisblat
Volgens de Britse inlichtingendienst is Edward Weisblat een zeer belangrijk handlanger van Wolf. Hij wordt verdacht van spionage voor de Russische geheime dienst, maar ook van contacten met de SS.
En Bernhard?
Wat zijn nu precies de bewijzen voor de betrokkenheid van (de kringen rond) Prins Bernhard bij dit wapenhandelnetwerk? Om te beginnen plaatst MI-5 twee stafleden van de Prins in het overzicht van het conglomeraat: professor Jan Willem Duyff, de rechterhand van Bernhard, en Sjef de Groot die verdacht werd van contacten met SD-agenten.
Vervolgens blijkt dat professor Duyff nauwe, vriendschappelijke banden onderhield met Mozes Wolf. Hij werkt samen met Wolf en Armstrong om wapens te leveren aan het islamistisch verzet tegen Soekarno, de Daroel Islam. Ook kapitein Raymond Westerling komt via hen aan zijn wapens.
Tenslotte blijkt uit de veiligheidsrapporten van de Marechaussee dat Mozes Wolf zelf zaken deed met de Prins en dat er minimaal twee wapenhandelaars op het paleis zijn geweest. "
Bron:
www.netwerk.tv/artikelen/bernhard-en-de-wapenhandelaars-het-verhaal#