Argumenten die pleiten vóór de republiek (en in de meeste gevallen tegen de erfelijke monarchie)
Een belangrijk argument vóór de republiek en tegen de erfelijke monarchie is gelegen in het veel democratischer karakter van de eerstgenoemde staatsvorm; daar heeft de bevolking namelijk veelal de mogelijkheid om zelf via een verkiezing te beslissen over de vraag wie het staatshoofd zal zijn.
Bij de erfelijke monarchie daarentegen heeft zij hier vrijwel geen zeggenschap over.
Weliswaar zijn er ook óndemocratische republieken, net zoals er ondemocratische monarchieën zijn, maar in de landen waar het er in principe wél democratisch aan toe gaat, is de republiek wat dat betreft verregaand in het voordeel vergeleken bij de monarchie.
Bij de laatstgenoemde is er slechts een over het algemeen gesproken zeer kleine mogelijkheid voor de bevolking, om langs democratische weg te kiezen voor verandering van staatsvorm. Hiervoor is nodig, dat de politieke partij(en), die deze verandering in hun programma heeft/hebben staan (tezamen) minstens een tweederde meerderheid bezit(ten) in de volksvertegenwoordiging, aangezien die vereist is, om een dergelijke wijziging in de grondwet aan te kunnen brengen. Maar dan nog is het de vraag, of het monarchale staatshoofd, wanneer dit niet slechts een ceremoniële functie heeft, maar ook een politieke, een dergelijke grondwetswijziging zal bekrachtigen, door middel van zijn/haar eveneens grondwettelijk vereiste ondertekening van de wijzigingswet.
Als 'n ander bezwaar tegen de monarchie wordt gezien het feit, dat het monarchale staatshoofd deze functie veelal voor het leven bekleedt.
Hij of zij beslist zélf, of en wanneer er bij leven sprake zal zijn van opvolging, zodat evenzogoed mogelijk is, dat deze niet plaatsvindt.
Waar derhalve bij de republiek, na afloop van de ambtstermijn van de gekozen president via verkiezingen impliciet beoordeeld kan worden, in hoeverre het vorige staatshoofd geschikt geacht kan worden, om nóg een termijn als zodanig te functioneren, is het bij de monarchie zo, dat alleen het staatshoofd zelf dit (al dan niet) beoordeelt, wat niet bepaald beschouwd kan worden als een garantie voor 'n objectieve en voldoende kritische benadering van een dergelijke aangelegenheid.
Een en ander brengt dan ook met zich mee, dat bij monarchieën de mogelijkheid reëel aanwezig is, dat het zittende staatshoofd, ondanks het feit, dat dit in fysiek of moreel opzicht gedegenereerd is geraakt, die functie net zo lang kan blijven uitoefenen, als hij/zij zelf wil, terwijl de bevolking al lang en breed gebukt gaat onder het feit, dat het land met een dergelijk weinig of niet meer representatief te noemen boegbeeld opgezadeld zit en er van enigerlei of voldoende inspiratie tot het betamelijke van die zijde evenmin nog sprake is.
Verder kunnen een of meer troonpretendenten behept raken met een erfelijke ziekte, met als zeer onwenselijke consequentie, dat het land dan gedurende op z'n minst één of enkele generaties, maar mogelijk ook tot aan het einde van zijn bestaan toe, geleid wordt door 'n persoon c.q. door personen, die daar fysiek niet geschikt voor zijn.
Bij de democratische republiek daarentegen, heeft het ervaringsinzicht, dat in principe geen enkel staatshoofd deze functie qua duur onbeperkt optimaal kan blijven uitoefenen, veelal grondwettelijk zijn beslag gekregen in een limitering van het aantal malen, dat het herkozen kan worden.
Ook vóór de democratische republiek pleit het feit, dat het in de natuur ondenkbaar is, dat formeel door afstamming bepaald wordt, wie de leider is van 'n groep, kudde, of gemeenschap. Met name in de dierenwereld (en de mens is biologisch gezien een zoogdier) wordt voortdurend kritisch beoordeeld, of de leider nog wel als zodanig geschikt is en of er niet inmiddels een (nog) meer als zodanig geschikt groepslid voorhanden is. Op die manier wordt, naar aangenomen mag worden, in overeenstemming met de wetten van de natuur bereikt, dat de groep vrijwel continu op de best mogelijke en dus meest verantwoorde wijze geleid wordt.
Wat tenslotte het vaak als pré voor de monarchie aangevoerde argument van de cumulatie van macht bij één bepaalde club (hetgeen een stabiliserend effect zou hebben) betreft, wordt hiertegen nog wel eens aangevoerd, dat dit al gauw als negatief aspect kan hebben, dat veel talent, dat van nature in de bevolking aanwezig is en tot volle ontwikkeling zou komen, de kop ingedrukt wordt, doordat leden van de genoemde club direct dan wel indirect hun macht daartoe misbruiken, uit vrees voor aantasting van het royale karakter van hun positie op het gebied van nationaal en internationaal aanzien, door toedoen van concurrentie.
Dit kan leiden tot een verschraling van het algemene prestatieniveau op velerlei maatschappelijke terreinen en derhalve tot achteruitgang van de levenskwaliteit in het desbetreffende land.
Conclusie
Al bij al kan gesteld worden, dat het feit, dat veel meer landen republiek zijn, dan koninkrijk, in zoverre verklaarbaar is, dat er meer en (zeker ook tezamen) zwaarwegender argumenten aanwezig lijken te zijn voor de eerstgenoemde staatsvorm, dan voor de tweede.
mijn-kijk-op.infonu.nl/mens-en-samenleving/63273-kan-n-land-beter-republiek-zijn-of-koninkrijk.html