De selectieve Joodse verontwaardiging
www.newsgossipandmore.com/2012/05/05/de-selectieve-joodse-verontwaardiging/
Vier Mei is niet ongemerkt aan Nederland voorbij gegaan. Twee Joodse oranisaties, te weten de Amsterdamse groepering TOF en de groep Joods Federatief Joods Nederland ( JFN) kwamen in actie, nadat bekend werd dat tijdens de 4 Mei herdenking op de begraafplaats van het Gelderse plaatsje Vorden er ook stil gestaan zou worden bij de dood van 10 aldaar begraven Duitse soldaten en de herdenkingsstoet aangevoerd onder leiding van de Vordense burgermeester Aalderink ook langs de Duitse graven zou lopen
Het FJN spande bij de rechtbank te Zutpen een kort geding tegen Aalderink aan terwijl de groepering TOF aankondigde om tijdens de herdenking over te gaan tot een “stille”actie.
De rechtbank te Zutphen onder leiding van mr. G. Vrieze deed uitspraak (
zie hier ) en het werd Aalderink en zijn gemeente ambtenaren verboden voor, tijdens en na de herdenking de Duitse graven te bezoeken.
Tijdens de herdenking vloog er boven de begraafplaats een vliegtuigje met een reclame spandoek met daarop de tekst
“Vorden is fout”.
Zonder inhoudelijk verder in te gaan op de door Vrieze gedane uitspraak, willen wij er in deze wel op wijzen dat Vrieze onderhevig geweest is aan een zgn. verzoek tot
wraking nota bene door een rechter collega. Voorts is Vrieze verwikkeld geweest in een zaak waarin een burger, de heer Hop, had gevraagd om inzage in het bijbanenregister van Nederlandse rechters, waar nog al het een en ander over te doen geweest is, daar rechters in Nederland in eerste instantie weigerden en later slechts schoorvoetend gevolg gaven aan het openbaar maken van hun bijbanen, betaald of onbetaald. Overigens heeft Vrieze zelf op dit moment 10 bijbanen, geen uitzondering in dit metier, waar dan gelijk geklaagd wordt over het feit dat Nederlandse rechters overbelast zouden zijn. Een merkwaardig gegeven, dat toegevoegd mag worden aan het feit, dat de Nederlandse rechtspraak wemelt van dubieuze uitspraken.
Maar de actie van deze 2 Joodse organisaties toont weer eens en temeer aan, dat de Joodse organisaties kans gezien hebben veelal refererend aan gebeurtenissen in de periode ´40 - ´45 en handig gebruikmakend van het collectieve schuldgevoel van de Nederlandse burgers hun invloed in het land onmerkbaar te vergroten. Je zou haast kunnen spreken van een soort Pavlov reactie, onmiddellijk indien Joodse organisaties denken te worden aangevallen , wordt er geprotesteerd, waarbij uiteraard handig gewezen wordt naar de gebeurtenissen van ruim 70 jaar geleden. Dit soort reacties komt u echter veel tegen in het dagelijks leven. Een opmerking over het voordringen van een Joodse mevrouw in een drukke winkel, komt u onmiddelijk te staan op de opmerking dat u discrimineert of zeker anti Joods bent. Zeker in een stad als Amsterdam is er niet veel voor nodig om u dit soort uitlatingen te moeten laten welgevallen, waarbij omstanders vaak ingaan op deze vorm van selectieve verontwaardiging.
Het verschil tussen deze Joodse veronwaardiging en die van sommige in Nederland woonachtige moslims kent praktisch geen verschillen. Een in de ogen van deze 2 groepen verkeerde opmerking wordt onmiddelijk gekwalificeerd als discriminatie. Nu willen wij op geen enkele wijze trachten goed te praten wat er in de oorlogsjaren gebeurt is, waarbij er in deze contekst misschien wel op gewezen mag worden, dat juist in Nederland (!) de politie en ambtenaren ijverige helpers van de Duitsers waren om Joden op te (laten) pakken , om ze daarna te deporteren.
Echter met geen woord wordt er door de Joodse organisatie een woord gerept over de inmiddels talloze misstanden in de door Israël ten onrechte bezette Palestijnse gebieden. De uitbreiding van Joodse nederzettingen gaat onverminderd voort, de “discriminatie” ten opzichte van Palestijnen eveneens, waarbij het lachwekkend overkomt, dat hetgeen in de bijbel staat geschreven een legitieme reden voor deze acties zou zijn.
Gelukkig dat de burgers van Vorden zich niet door deze selectieve Joodse verontwaardiging hebben laten beïnvloeden, want van de rond 400 deelnamers aan de 4 Mei herdenking, bezochten minder dan 10 van de aanwezigen niet de Duitse graven, hiermee duidelijk makend, dat Joodse organisaties niet maar willekeurig hun wil op burgers op kunnen dringen.